Waar wil je naartoe?

Waar wil je naartoe?

Waar wil je naartoe? Met een baby, peuter van twee en kleuter van vier. We vertrokken voor vijf maanden in een camper acht jaar geleden.

Ik zou zo opnieuw vertrekken. Het was prachtig.

Maar destijds wou ik niet enkel ergens naartoe. Ik wou ook weggaan en iets achterlaten: de druk, de prestatie, het 'moeten' dat me te veel werd.

De kinderen waren enthousiast omdat wij het waren. Ze hadden geen idee wat hen te wachten stond. Als we maar samen waren.

Ik keek uit naar de leegte. Geen planning of verwachtingen. Doen waar we zin in hebben.

Maar ik kon het niet achterlaten. Ik nam het mee.

Juist als de camper stilstond en de kinderen speelden, voelde ik de zindering. Ik vond het enorm moeilijk om gewoon te zitten en niets te doen. Of zelfs gewoon niet te denken aan wat moet gedaan worden.

Ik lachte met mezelf. Hoe is dit mogelijk?

"Waarom doe je dit? Waarom blijf je bezig met dingen die er nu niet toe doen?" vroeg ik mezelf af. De drang leek sterker dan mezelf. 

Zeven keer ben ik uiteindelijk uit België vertrokken. Telkens voor vijf maanden. En elke keer was ik erg blij dat ik weg kon. Omdat ik voelde dat ik thuis telkens weer werd meegezogen. Alsof ik het stukje vertragen dat ik op reis had gevonden, bij thuiskomst meteen weer verloor.

Jaar na jaar werd ik me bewuster van wat er gebeurde. Mijn gezin en mijn omgeving als leermeesters. Tot het te veel werd.

Pas toen ik écht grond onder mijn voeten vond waarin ik die onrust kon loslaten, voelde ik me hier weer thuis. Dan pas vond ik de stilte. 

Ik moest weggaan om dit te vinden.

Lees het volledige verhaal in mijn boek Onderweg