Soms kijk ik met verwondering naar mijn kinderen.
Verbaasd over wat ze al weten, wat ze intuïtief aanvoelen.
Andere keren zie ik dan de patronen. Het herhalen van hoe ik het aanpak (of mijn man). Dan kan ik glimlachend toekijken.
Maar even goed confronteert het. Als het iets is dat ik bij mezelf herken: "O neen, heb ik dit voorbeeld gegeven...? Dat was niet de bedoeling...."
Maar het diepst raken de patronen die ik niet doorzie. Waar mijn rationele brein geen analyse op kan loslaten. Acties van mijn kinderen die schuldgevoelens opwekken, een boosheid of diep verdriet. Schuldgevoel 'ik ben er niet genoeg', boosheid om een vrijheid die zij nemen en die ik niet had, verdriet omdat ze iets doen dat zo kwetsbaar is en ik hen niet kan beschermen tegen hartenpijn.
Het heeft niets met hen te maken. Het zijn mijn triggers, mijn interne stemmetjes. Ik begin ze te herkennen. Ik duw ze niet meer weg, ik voel ze ten volle, dikwijls met tranen in de ogen.
Ja ik voel me nog schuldig, boos, verdrietig.
Maar ook diep gelukkig. Dat mag ook.